GAS-boetes botsen met het Kinderrechtenverdrag
We begrijpen dat de samenleving verwacht dat er wordt opgetreden tegen bepaald gedrag van jongeren. Maar het blijft problematisch dat een systeem dat bedoeld is voor volwassenen, wordt toegepast op minderjarigen. Voor jongeren bestaat het jeugddelinquentierecht: een kindspecifiek systeem zoals het Kinderrechtenverdrag voorschrijft. Gemeentelijke administratieve sancties creëren een parallel circuit van bestraffing door een ambtenaar, terwijl het jeugddelinquentierecht al mogelijkheden biedt voor opvoedkundige en herstelgerichte maatregelen op parketniveau.
In strijd met het Kinderrechtenverdrag
Gemeentelijke administratieve sancties toepassen op minderjarigen is in strijd met artikel 40 van het VN-Kinderrechtenverdrag.
Minderjarigen:
- mogen niet zomaar worden bestraft zoals volwassenen;
- hebben recht op maatregelen van opvoedkundige aard, begeleiding en herstel;
- moeten geholpen worden om te leren uit hun fouten en opnieuw te integreren, niet bestraft worden.
De GAS zijn een parallel circuit van ‘bestraffing’ door een ambtenaar, terwijl er al een goed uitgebouwd jeugddelinquentierecht bestaat met opvoedkundige en herstelgerichte maatregelen ook op parketniveau.
Daarom vindt het Kinderrechtencommissariaat dat GAS-boetes voor minderjarigen niet in lijn zijn met het Kinderrechtenverdrag. Niet voor 16-jarigen en nog minder voor 14-jarigen.
Kleine verbeteringen sinds 2024
De aanpassingen sinds 2024 zijn een stap vooruit. Ze bieden meer ruimte voor ouderlijke betrokkenheid en pedagogisch en herstelgericht werken.
Toch blijft er een belangrijk pijnpunt. De bemiddelaar moet onafhankelijk zijn, maar hoeft wettelijk niet opgeleid te zijn om met jongeren te werken. Daardoor ontstaan grote verschillen tussen gemeenten. In sommige steden is de bemiddeling echt pedagogisch en herstelgericht, in andere is het een formaliteit.
De GAS-bemiddeling kan alleen haar doel bereiken als de herstelbemiddelaar opgeleid is om met minderjarigen te werken. Jongeren hebben een andere aanpak, communicatie, bescherming en begeleiding nodig om het doel van herstelbemiddeling te bereiken: herstel, verantwoordelijkheid en herintegratie.
Boetes zijn geen pedagogische maatregel
Als het aanbod van bemiddeling wordt geweigerd of mislukt, kan de sanctionerende ambtenaar kiezen tussen een gemeenschapsdienst of een administratieve geldboete. Maar als de bemiddeling slechts een formaliteit is, kan er zeer snel een geldboete worden opgelegd.
Een geldboete voor een 14-jarige is geen pedagogische maatregel. Ze wordt meestal betaald door de ouders, die burgerrechtelijk aansprakelijk zijn. Voor gezinnen in armoede is dat extra zwaar. Ook hier dreigt willekeur tussen gemeenten.
Grote ongelijkheid voor jongeren tussen gemeenten
Ten eerste mag elke gemeente zijn eigen reglement opstellen. Wat is overlast? Daar is variatie mogelijk. Ten tweede mogen gemeenten zelf beslissen of ze GAS-boetes vanaf 14 jaar invoeren.
Daardoor ontstaat grote ongelijkheid tussen jongeren, afhankelijk van hun woonplaats:
- ongelijkheid in strafbaarstelling;
- ongelijkheid in uitvoering (zijn er opgeleide bemiddelaars of niet, worden gemeenschapsdiensten aangeboden of niet).
Uitbreiden zonder grondige evaluatie van het systeem is blindvaren
Het is vreemd dat gemeenten het systeem uitbreiden, terwijl het nooit degelijk is geëvalueerd voor 16-jarigen. De vraag blijft of het systeem werkt. Hoeveel bemiddelingen leiden tot het wegvallen van de boete? Hoeveel gemeenschapsdiensten worden er opgelegd? Hebben boetes een positieve impact?
Zolang die vragen onbeantwoord blijven, is het onverantwoord om GAS-boetes toe te passen op steeds jongere minderjarigen.
Investeren in jeugdwelzijnswerk en jongeren
Wat betekent overlast precies? Vandalisme kan uiteraard niet door de beugel. Maar je moet jongeren ook jong laten zijn, wat rondhangen en lawaai maken hoort daar bij. Het Kinderrechtencommissariaat pleit voor preventie en jeugdwelzijnswerk.